Creativiteit is vooral hard werken!

Stomverbaasd was ik toen een aantal jaren geleden zag hoe onze trainer zijn horloge van de tafel voor hem oppakte en zei dat we binnen een half uur  minimaal 25 creatieve ideeën terug moesten komen.

Auteur:
Functie: Crossmedia Consultant

Het bewegende beeld, video en animatie zijn een fantastisch medium om informatie over te dragen. Na de academie voor beeldende...

Stug doorgaan

Het genereren van creatieve oplossingen kon je volgens de trainer gewoon inplannen in een normale werkdag tussen negen en vijf uur. Het ging om een workshop om tot innovatieve ideeën te komen volgens de SIT-methode.

Zoals bijna iedereen dacht ik dat creativiteit iets was waar je amper controle over had, creatieve ideeën kreeg je plotsklaps tijdens een inspirerende reis, s’nachts in een droom, gedurende een boswandeling of in een café. Ofwel creatieve ideeën kreeg je als je super-relaxed was of te dronken om helder na te denken en zeker niet binnen kantoortijden. De muze kwam op bezoek als het haar uitkwam, daar kon je verder niet zoveel invloed op uitoefenen.

Tijdens een workshop over deze SIT (Systematic Inventive Thinking) onder leiding van Theo Groen, ontdekte we dat creativiteit een proces is dat prima te ontrafelen is in essentiële onderdelen die je stap voor stap kunt bekijken en veranderen. De methode voorziet in een vijf manieren om onderdelen van je onderzoeksobject stelselmatig te veranderen en vernieuwen. Zoals de naam van de methode doet vermoeden moet je dit wel systematisch doen, vandaar dat tijdens de workshop het horloge geregeld er bij werd gepakt. De vijf methodes om te vernieuwen zijn ontwikkeld door de Russische ingenieur  Genrich Altshuller die meer dan twee miljoen over de wereld verspreide patenten onderzocht als patentambtenaar en ontdekte dat innovatie niet een willekeurig proces is maar meestal bepaald wordt door veelgebruikte patronen die iedereen kan leren of eigenlijk al ongemerkt toepast in het het dagelijkse leven. De vijf methodes om producten en diensten te vernieuwen zijn:

Verbinden. Kies twee componenten in het product of een in het product en een in de omgevening van het product en maak daar een geheel van. Een goed voorbeeld is de Senseo waarbij apparaat en koffie dmv van de koffiepads een geheel zijn gaan vormen.
Verwijderen en/of vervangen. Kies een component, liefst een ‘onvervangbare’ en verwijder deze vervolgens. Bijvoorbeeld bier zonder alcohol.
Opdelen en herschikken. Kies een van de componenten en plaats deze buiten het product. Bijvoorbeeld het afneembare front van de autoradio.
Vermenigvuldigen. Dit is de makkelijkste en meest vermakelijke om te doen: kies een component en vermenigvuldig deze. Bekend voorbeeld binnen de SIT-wereld is de standaard waterpas met de horizontale en verticale libelles: door deze uit te breiden met 3 extra libelles die hellingen kunnen meten van 2, 3 en 4 graden, is het opeens een handig apparaat voor loodgieters om afvoerleidingen aan te leggen. En als laatste:
Toevoegen van een dimensie. Zoek een vast kenmerk van een van de componenten en zoek een vaste relatie tussen het product en de omgeving. Vervolgens voeg je een dimensie toe aan dit vaste kenmerk zodat je er mee kunt variëren. Bijvoorbeeld door de prijs van een thuisbezorgde pizza afhankelijk te laten zijn van de temperatuur van de pizza, voor een lauwe pizza betaal je dan de helft van de prijs.

Creativiteit is ook een kwestie van stug doorgaan met het genereren van ideeën om vervolgens de beste of meest haalbare oplossing te kiezen. Wachten op die geniale inval kan, maar het is handiger om systematisch door te ploeteren zodat je niet een, maar 10 oplossingen hebt.
In een artikel van NRC Next (‘Creatief zijn? Ploeter dan maar lekker door’ 26/08/15) is het nut van flink doorwerken ook onderschreven aan de hand van Amerikaans onderzoek:

De Amerikaanse onderzoekers gaven hun (honderden) proefpersonen steeds een creatief probleem – associatieve puzzels oplossen of toepassingen voor een kartonnen doos bedenken – en wat tijd om met oplossingen te komen. Daarna kregen de proefpersonen onverwacht extra tijd en moesten ze nóg meer oplossingen bedenken, terwijl ze dachten dat ze klaar waren. Daarmee begon het ploeteren.De deelnemers kwamen in die doorploetertijd gemiddeld met meer extra ideeën dan ze zelf hadden verwacht. En de ideeën die mensen dan bedachten waren gemiddeld origineler (volgens anderen) dan de eerste ideeën. Vooral als de deelnemers het zelf in de eerste fase al niet zo makkelijk vonden gaan onderschatten ze hoeveel doorploeteren nog ging opleveren.
De Amerikaanse onderzoekers zijn daarom bang dat mensen vaak al ophouden voordat ze hun beste ideeën hebben kunnen krijgen. Want als het werk niet zo lekker gaat, kunnen mensen ten onrechte het gevoel krijgen dat ze niet creatief bezig zijn, terwijl ploeteren dus goed is voor de creativiteit.’

Uit dit onderzoek blijkt maar weer dat Aristoteles gelijk had met in zijn beroemde uitspraak: Alles wat je aandacht geeft, groeit.’ Creativiteit is dus vooral ook een kwestie van uren maken.